2050 mag dan nog als verre toekomstmuziek klinken, als het om hernieuwbare energie gaat is het geen dag te vroeg om aan een inhaalbeweging te beginnen. De afgelopen weken is meermaals in het nieuws gekomen dat België tegen 2050 volledig overgeschakeld kan zijn op hernieuwbare energie. Uit een studie uitgevoerd door VITO, het Federaal Planbureau en studiebureau ICEDD bleek 2050 haalbaar. Dat er echter een fiks prijskaartje en flink wat inspanningen aan vasthangen is echter ook kristalhelder.

156 pagina’s aan mogelijkheden

Dat de betrokken partijen niet over één nacht ijs zijn gegaan blijkt alleen uit de omvang van het afgeleverde dossier, maar liefst 156 pagina’s met aanbevelingen en oplossingen. Concreet gaat het om 5 mogelijke pistes die allemaal resulteren in 100% hernieuwbare energie, met het behoud van ons comfort en economische groei. Het spreekt echter voor zich dat er dan wel een heel aantal knopen dienen doorgehakt te worden en keuzes gemaakt. Niet evident in België, zo is al meermaals gebleken in het verleden, waarbij verschillende stakeholders er een andere mening/visie op nahouden.

Van 7% naar 100% in 37 jaar tijd

Dat er aardig wat consequenties aan verbonden zijn en inspanning voor nodig zijn om van 7% hernieuwbare energie nu, naar 100% te gaan in 2050 is evident. Zo een snelle en radicale transformatie heeft een enorme impact op heel wat economische sectoren. Uiteraard is de elektriciteitssector de eerste die de impact zal voelen.

1 uitgangspunt, verschillende wegen

Alle scenario’s vertrekken van het feit dat energievraag en energie-invoer zullen afnemen. Fossiele brandstoffen vallen immers weg en hernieuwbare energie wordt lokaal geproduceerd, maar de switch naar hernieuwbare energie zou ook de efficiënte ten goede komen. Cijfermatig zou het er wel op neerkomen dat de energiekost stijgt met 2% van het BBP, een kost die ongetwijfeld ook de consument zal voelen in zijn portefeuille. Een andere belangrijke conclusie van de studie is ook dat het huidige industriële systeem onmogelijk behouden kan blijven om de doelstellingen te realiseren. Ingrijpend dus!

Op korte termijn duurder, op langere termijn een stuk voordeliger

De 5 verschillende scenario’s bekijken zou ons te ver leiden, je vindt ze in een notendop hier, maar een conclusie trekken is wel mogelijk. Vast staat dat het opwekken van hernieuwbare energie een grillig patroon vertoont en variabel is. Momenteel is er simpelweg nog niet voldoende opslagcapaciteit, zijn er torenhoge opslagkosten en zou bijvoorbeeld de staalindustrie enkel maar in de zomer kunnen produceren. Het streven naar 100% hernieuwbare energie heeft dus zeker een enorme impact. Op korte termijn brengt deze transformatie heel wat bijkomende kosten met zich mee voor het bouwen van nieuwe installaties, maar op lange termijn wordt dit omgebogen in winst.

Omdat we toekomstgericht geen fossiele brandstoffen meer moeten invoeren en heel wat kosten betreffende de klimaatopwarming zouden vermijden spreken we tegen 2050 van een winst op de handelsbalans van 10 miljard euro per jaar. Bovendien zouden er tegen 2030 ook 20.000 tot 60.000 extra banen bijkomen. Maar eerst zullen we dus door de zure appel moeten bijten en in quasi alle scenario’s wordt stroom tegen 2050 een flink stuk duurder. Bijkomende info en meer duiding kan je hier vinden.

Vergelijken loont altijd

Het is ondertussen al lang duidelijk en quasi elke week haalt het wel de pers: onze elektriciteitsfactuur zal nog een hele tijd blijven stijgen. Toch kan je als je verstandig vergelijkt besparen. Door de energietarieven van heel wat leveranciers te vergelijken op Tariefchecker bijvoorbeeld. Zelf nu de prijzen in stijgende lijn zitten, zijn besparingen tot 400 euro mogelijk, gewoon door zorgvuldig te vergelijken. De Tariefchecker is dan ook een onmisbare tool om de stijgende kosten in de dijken en te besparen!

 

Bron: VITO